Niet voldoen aan publicatieplicht komt bestuurder van bv duur te staan
Een bv moet tijdig haar jaarrekeningen deponeren bij de Kamer van Koophandel. Het niet voldoen aan deze eis kan flink pijn doen, hebben al veel bestuurders gemerkt. Recent nog een bestuurder uit Limburg.
Twee-nul achter
Op 21 mei 2019 werd het faillissement uitgesproken van een werkmaatschappij en een holding. De curator merkte op dat de jaarrekeningen niet tijdig gedeponeerd waren. Die van 2016 pas op 22 maart 2018 (had uiterlijk 31 december 2017 gemoeten). En die van 2017 helemaal niet.
En als dat zo is, helpt de wet de curator een handje. Als er niet tijdig gepubliceerd wordt, staat wettelijk vast dat er sprake is van onbehoorlijke taakvervulling. Én dat deze onbehoorlijke taakvervulling een belangrijke oorzaak van het faillissement is. De bestuurder mag wel tegenbewijs leveren. Hij staat dus feitelijk 2-0 achter.
Alles uit de kast
In zo’n geval moet je als bestuurder alles uit te kast halen om aan te tonen dat er andere feiten of omstandigheden dan die onbehoorlijke taakvervulling tot het faillissement hebben geleid. Dat de lat hiervoor hoog ligt, blijkt uit deze uitspraak van de rechtbank Limburg. Het enkel stellen dat een aantal grote klanten is weggevallen en de bestuurder tijdsgebrek had, is in elk geval voldoende. De bestuurder is veroordeeld tot betaling van het gehele boedeltekort. Dat betekent: volledige betaling van alle schuldeisers én curator.
Onderschat het belang van een tijdige deponering van jaarcijfers dus niet.