Spijtoptanten: u kunt er spijt van krijgen!

Het komt regelmatig voor. Een werknemer vertrekt om zijn geluk elders te beproeven, maar het gras bleek niet zo groen als gehoopt. En hij vraagt u, zijn oude werkgever, om terug te mogen komen. Wanneer u daar op in gaat, moet u met een aantal zaken rekening houden.

Oppassen
Wanneer een werknemer zich binnen 6 maanden weer bij u meldt, is het oppassen geblazen. Had hij voor zijn vertrek een contract voor onbepaalde tijd. Dan kunt u deze werknemer geen tijdelijk contract geven. Hij heeft volgens de wet dan gewoon weer een vast contract. Ook al spreekt u dat anders af met de werknemer. Het eerdere contract is namelijk niet van rechtswege afgelopen. Daarvoor moet u ontbinding bij de rechter vragen of een vergunning bij het UWV. Een vaststellingsovereenkomst sluiten mag ook, maar dat moet uw werknemer dan ook willen. Dit wordt de ragetlieregel genoemd.

Initiatief werknemer
Verrassend wellicht, maar bovenstaande geldt dus ook als de werknemer zelf zijn contract heeft opgezegd. Ook na een beëindiging op grond van wederzijds goedvinden (een vso). Dit is alleen anders indien het vaste contract is geëindigd door ontbinding door de rechter of door opzegging na een ontslagvergunning.

Ontslag bij tijdelijk contract
Stel nu dat de werknemer een contract voor bepaalde tijd had en binnen 6 maanden met hangende pootjes terugkomt, dan moet u ook oppassen. De ketenregeling is nu van toepassing. U dient alle voorgaande tijdelijke contracten mee te rekenen.

De oplossing
De makkelijkste manier om dit te voorkomen: laat de nieuwe arbeidsovereenkomst pas ingaan na 6 maanden en 1 dag nadat de laatste is geëindigd. Dan heeft u niets te maken met ragetlieregel of ketenregeling.

Deze website gebruikt cookies om ervoor te zorgen dat u de beste mogelijke ervaring krijgt op deze website.