Tennisbond krijgt boete van dik half miljoen wegens verkoop persoonsgegevens

Begin maart 2020 werd bekend dat de Autoriteit Persoonsgegevens (AP) aan de tennisbond KNLBT een boete van € 525.000 heeft opgelegd voor het verkopen van persoonsgegevens van leden. In het boetebesluit is omschreven hoe de AP ertoe is gekomen om zo’n hoge boete volgens de AVG aan de tennisbond op te leggen.

De tennisbond heeft in 2018 persoonsgegevens (zoals NAW-gegevens en telefoonnummers) van ruim 350.000 leden verkocht aan twee sponsors om (extra) inkomsten te krijgen. De tennisbond kondigde aan zijn leden aan dat de sponsors die persoonsgegevens konden gebruiken voor hun direct marketingactiviteiten. Nadat hij tips en klachten van enkele leden ontving, heeft de AP onderzoek verricht naar deze gang van zaken.

Toepassing van de AVG
Ook de tennisbond moet zich houden aan de AVG. Volgens de AVG mogen persoonsgegevens alleen worden verwerkt (verzamelt/verkocht) voor welbepaalde, uitdrukkelijk omschreven en gerechtvaardigde doelen. Het verwerken van de persoonsgegevens mag alleen op basis van één van de zes in de AVG genoemde verwerkingsgrondslagen. Een grondslag kan zijn dat de betrokkene toestemming voor de verwerking van de persoonsgegevens heeft gegeven. Een andere grondslag kan zijn dat de verwerking van de persoonsgegevens noodzakelijk is voor de behartiging van het gerechtvaardigd belang. Persoonsgegevens mogen verder alleen voor andere doelen worden verwerkt als die doelen verenigbaar zijn met het oorspronkelijke verzameldoel.

De tennisbond geeft aan dat de persoonsgegevens aan de sponsors zijn verstrekt voor commerciële doeleinden, namelijk het genereren van (extra) inkomsten. Dat is een ander doel dan het doel waarvoor de persoonsgegevens oorspronkelijk door de leden waren verstrekt, dat was voor het uitvoeren van de lidmaatschapsovereenkomst. Maar de tennisbond vond dat hij een gerechtvaardigd belang had bij de verkoop van de persoonsgegevens.

Gerechtvaardigd belang?
Het AP geeft aan dat er voor een geslaagd beroep op gerechtvaardigd belang aan drie voorwaarden moet zijn voldaan, te weten: (1)  behartiging van een gerechtvaardigd belang van de voor verwerking verantwoordelijke of van een derde, (2) noodzaak van de verwerking en (3) de fundamentele rechten en vrijheden van de betrokken persoon worden niet geschaad. Het AP vindt dat het door de tennisbond aangevoerde commerciële doel niet geldt als een gerechtvaardigd belang. Aan de toetsing van de andere twee vereisten wordt volgens de AP niet meer toegekomen.

De tennisbond had volgens de AP toestemming moeten vragen aan de individuele leden voor de verkoop van hun persoonsgegevens.

Conclusie
De AP oordeelt dat de tennisbond de persoonsgegevens niet aan de twee sponsors had mogen verkopen en dat hij in strijd met de AVG heeft gehandeld. Uit het boetebesluit volgt dat de AP vindt dat als persoonsgegevens voor een bepaald doel zijn verstrekt, deze niet zomaar voor een ander doel mogen worden gebruikt. Daarbij moeten de grondslagen van de AVG in acht worden genomen.

De tennisbond legt zich niet neer bij de opgelegde boete en heeft dan ook bezwaar gemaakt tegen het boetebesluit.

Deze website gebruikt cookies om ervoor te zorgen dat u de beste mogelijke ervaring krijgt op deze website.