Zorgvuldig onderhandelen, voor juristen en niet-juristen

In Nederland ben je vrij om een overeenkomst te sluiten met wie en waarover je dat wilt. Een overeenkomst komt tot stand door een duidelijk aanbod van de een en een aanvaarding van dat aanbod door de ander. Tussen het aanbod en de aanvaarding ligt dan de ‘onderhandelingsruimte’.

Bod en tegenbod
Wie ooit op een rommelmarkt is geweest, weet dat de prijzen op de bordjes geen vaste prijs zijn. Sterker nog, je kan deze bordjes maar het beste zien als een startschot om in onderhandeling te treden. De spelregels hierbij zijn duidelijk: de koper biedt steeds net iets meer en de verkoper biedt het product steeds voor een net iets lagere prijs aan. De prijs wordt vaak ergens in het midden gevonden. Dit werkt niet zo bij commerciële onderhandelingen. Dan kan het zijn dat een goedbedoeld tegenbod wordt gezien als een verwerping van het aanbod en het einde van de onderhandelingen.

Uitkoop door de gemeente
Op 21 mei 2021 boog de Hoge Raad zich over de vraag of een juridisch adviseur (meneer X) zorgvuldig (onder)handelde. Wat is er gebeurd? Meneer X stond twee cliënten bij tijdens onderhandelingen met gemeente Y. Deze cliënten huurden van gemeente Y een horecapand. De gemeente wilde de huurovereenkomst beëindigen voor herontwikkeling van het gebied en wilde de huurders daarom ‘uitkopen’. De gemeente bood hiervoor een bedrag van € 180.000,- als schadeloosstelling, nog vermeerderd met € 5.000,- als vergoeding voor de kosten van ingeschakelde deskundigen. De financiële situatie van de huurders liet het enerzijds niet toe dat dit aanbod zou komen te vervallen, maar anderzijds wisten ze niet of ze er ‘meer uit konden halen’. Daarom moest meneer X op dit aanbod reageren.

Onzorgvuldig handelen
Meneer X schreef terug dat de schadeloosstelling te accepteren is, maar dat de deskundigenkosten moesten worden verhoogd tot € 15.000,-. Helaas, de uitkomst laat zich enigszins raden. De gemeente zag deze reactie als een verwerping van haar aanbod, het einde van de onderhandelingen en een reden om te gaan procederen over het beëindigen van de huur. In die procedure betaalde de gemeente uiteindelijk (slechts) € 75.000,- voor de uitkoop. De ex-huurders stelden adviseur X aansprakelijk voor deze tegenvallende uitkomst. En met succes; de Hoge Raad stelde vast dat adviseur X onzorgvuldig had gehandeld door dit risico te nemen terwijl zijn (ex-)cliënten het geld zo hard nodig hadden. Lees voor meer argumenten de uitspraak of neem gewoon contact met JagerKuiper Advocaten op. 

Deze website gebruikt cookies om ervoor te zorgen dat u de beste mogelijke ervaring krijgt op deze website.